Opinieartikel: stuur Afghanen niet terug

Afghanistan is na Syrië het meest onveilige land ter wereld. Toch sturen Europese regeringen – ook de Nederlandse – Afghaanse vluchtelingen terug. Dit is onverantwoord.

Eind januari bliezen Talibanstrijders zichzelf op in een drukbezochte straat in de Afghaanse hoofdstad Kabul. Het gevolg: 103 doden en 235 gewonden. Even zagen Nederlanders weer wat Afghanen, tal van hulporganisaties, Amnesty International, UNICEF en de VN al eerder concludeerden: Afghanistan is een levensgevaarlijk land in oorlog.

De Taliban hebben inmiddels voet aan de grond in meer dan 70 procent van het land, zo wees recent onderzoek van de BBC uit. En daar waar de Afghaanse regering wel de controle zou hebben, zoals in de hoofdstad Kabul, worden ook steeds vaker aanslagen gepleegd. Door de Taliban, maar ook door andere gewapende islamitische groepen als het Haqqani netwerk. Bovendien eist ook Islamitische Staat regelmatig een aanslag op. De Afghaanse regering bestrijdt al deze groepen en krijgt hulp van onder meer de VS en de NAVO.

Volgens de Global Peace Index 2017 is Afghanistan na Syrië het meest onveilige land ter wereld. In de afgelopen 15 jaar zijn honderdduizenden doden gevallen, en minstens zoveel Afghanen gewond geraakt. Het geweld is in de afgelopen twee jaar dusdanig opgelaaid dat zelfs de VN Afghanistan besloot te hernoemen van een land in “post-conflict” naar een land in “actief conflict” ofwel in oorlog. Diverse hulporganisaties hebben hun hulp tijdelijk of geheel opgeschort. Het Rode Kruis trok zich begin vorig jaar terug uit Noord Afghanistan nadat 6 werknemers waren gedood bij aanslagen. Afgelopen januari lieten 5 medewerkers van hulporganisatie Save the Children het leven na een bomaanslag door IS.

Afghanistan is een land waar de mensenrechten nog steeds grof worden geschonden. Ook de Afghaanse regering zelf maakt zich daar schuldig aan. Kritische journalisten, bekeerlingen en atheïsten lopen in de Islamitische Republiek Afghanistan het gevaar in de cel te belanden of de doodstraf te krijgen.

Inmiddels zijn miljoenen Afghanen gevlucht. Ze gingen naar de buurlanden Iran en Pakistan. Of maakten de riskante reis naar Europa. Ze staken op gammele bootjes de zee over naar Griekenland of waagden hun leven via de Rusland-route. Zoals onder meer Ahmad Khan, de kind-acteur in de bekende Afghaanse film The Kite Runner (de Vliegeraar), die vanwege zijn rol doodsbedreigingen kreeg van de Taliban. Toen hij zestien was vluchtte hij alleen naar Zweden, waar hij asiel kreeg.

Ahmad mocht blijven. Duizenden andere Afghanen niet. Ondanks de verslechterde situatie in Afghanistan zetten landen als Zweden, Duitsland, Noorwegen, maar ook Nederland nog steeds Afghaanse asielzoekers op het vliegtuig naar Kabul. Afghanistan zou veilig genoeg zijn. Bovendien krijgt de Afghaanse regering jaarlijks meer dan een miljard aan ontwikkelingshulp via de zogenaamde Joint Way Forward deal die de EU in oktober 2016 met de Afghaanse regering sloot. In ruil hiervoor zorgt de regering ervoor dat uitgeprocedeerde asielzoekers goed worden opgevangen.

Tenminste. Dat is het idee. Maar uit rapporten van onder meer ECRE (European Council on Refugees and Exiles) en Amnesty International blijkt die opvang een wassen neus. Uitgeprocedeerde vluchtelingen komen terug in een door geweld verscheurd land, waar ze geen werk en vaak ook geen netwerk hebben, geen woning of medische hulp. Omdat ze ‘verwesterd’ zijn of moslim-af lopen ze bovendien het risico gemarteld te worden, in de cel te belanden of door de Taliban ontvoerd te worden. Afghanen die teruggaan, kunnen geen kant op. Minstens 72 procent van de Afghanen die gedwongen werden terug te keren vlucht opnieuw.

Maar uitzetting is een bewust politieke keuze, zo blijkt als je de cijfers van diverse landen naast elkaar zet. Er zijn namelijk ook landen die het nauwelijks doen. Afghaanse vluchtelingen hebben in de EU te maken met een ‘asiel-loterij’. Terwijl Afghanen in bijvoorbeeld Italië een kans van meer dan 95 procent hebben op een verblijfsvergunning, lag dat afgelopen jaar in 2017 in Nederland op minder dan 35 procent.

Al ettelijke malen riepen mensenrechtenorganisaties de regeringen van diverse Europese landen, waaronder de Nederlandse, op om te stoppen met het uitzetten van Afghanistan. De oproep is kristalhelder: wil je humaan zijn en de mensenrechten respecteren, dan stuur je Afghanen niet terug. De oproepen waren tot nu toe gericht aan dovemansoren. De Nederlandse regering deporteerde vorig jaar 870 Afghanen naar Afghanistan. Begin februari waren circa 1100 Afghanen in Nederland uitgeprocedeerd. Ook voor hen dreigt deportatie.

In november 2017 lanceerde een aantal burgers de Facebookgroep Don’t send Afghans back. Aankomende weekend gaan burgers in Maastricht, Amsterdam, Nijmegen en Utrecht en meer dan 20 andere Europese steden de straat op. Ze zijn unaniem tegen het uitzetten van Afghanen. Nu de politiek nog.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *